Waddenfonds gaat door tot eind 2029
Het Waddenfonds blijft nog tot eind 2029 investeren in projecten. Formeel zou het fonds in 2028 stoppen. Maar er zit nog circa 90 miljoen euro in kas. Zowel Gedeputeerde Staten als Provinciale Staten van de drie Waddenprovincies gingen onlangs akkoord met een verlenging. Directeur Geert Boesjes: “Er is nog genoeg werk aan de winkel.”
Het Waddenfonds werd in 2006 opgericht. Het Rijk stortte er destijds 800 miljoen in voor twintig jaar. Het geld was bedoeld voor versterking van de economie en de ecologie. In 2012 namen de provincies Noord-Holland, Friesland en Groningen het bestuur ervan over. Het werd een gemeenschappelijk regeling die formeel op 1 januari 2028 ophoudt te bestaan. Maar nu wordt die met twee jaar verlengd.
Tot 1 januari 2030 blijft het Waddenfonds projecten subsidiëren. Waarom? Directeur Geert Boesjes (64): “We hebben nog ongeveer 100 miljoen euro te besteden. Een behoorlijk deel daarvan is bedoeld voor grote projecten. Denk aan gebiedsprocessen in de drie Waddenprovincies zoals de dijkversterking in Friesland, de ontwikkeling van Harlingen, de Eems Dollard en de Waddenbaai in Noord-Holland. Maar er is ook zeker nog geld voor lokale projecten en thematische projecten.
In het nieuw te schrijven Uitvoeringskader en Uitvoeringsprogramma komt in grote lijnen te staan hoe het geld besteed zal worden. Het bestuur bepaalt dit. Maar altijd wordt getoetst aan de doelstelling van het fonds. “Zo zullen we niet zo snel een groot attractiepark meefinancieren.”
Complex
Dat de pot nog betrekkelijk goed gevuld is, betekent niet dat het Waddenfonds te weinig heeft gedaan om aanvragen te stimuleren. “Vooral de grote projecten en programma’s zijn integraler en complexer geworden. Vaak kosten ze meer tijd dan was ingeschat. Soms komt het ook voor dat een ingediend project bijvoorbeeld 20 miljoen subsidie vraagt, maar het dan uiteindelijk 15 miljoen blijkt te zijn”, licht Boesjes toe. “Bij thematische projecten is er zo’n 7 procent van het aangevraagde geld dat niet besteed wordt.”
Tot nu toe kregen 465 projecten een bijdrage uit het Waddenfonds. Boesjes is ervan overtuigd dat die de natuurwaarden, de economie en de leefbaarheid in het Waddengebied hebben vergroot. “Veel doelen zijn bereikt. Neem alleen al de kwelders en vismigratieplekken die er zijn bijgekomen. Kerken en dorpshuizen kregen nieuwe bestemmingen. Tentoonstellingen en allerlei culturele initiatieven vergrootten de sociale cohesie. Experts gaan nog beoordelen hoe groot de daadwerkelijke effecten zijn geweest. Maar er is nog genoeg werk aan de winkel.”
De gesubsidieerde projecten dragen voor een groot deel bij aan de Agenda voor het Waddengebied 2050. Daarin spraken Rijk, de drie Waddenprovincies, gemeentes en waterschappen af dat er een duurzame balans moet zijn tussen natuurbescherming, economische ontwikkeling en leefbaarheid.
Waddenfaciliteit
Een recent rapport adviseert hoe de uitvoering van deze Agenda 2050 bekostigd kan worden. Behalve het vrijmaken van geld, wordt geadviseerd een Waddenfaciliteit op te richten. Dit orgaan moet projecten voorbereiden en subsidiëren. Boesjes: “In het rapport wordt geadviseerd om onze opgebouwde kennis en kunde daarin op te nemen, zodat die niet verloren gaan. Deze Waddenfaciliteit zal mogelijk ook aan de voorkant projecten meer mee helpen ontwikkelen, subsidiëren en de uitrol bevorderen”, verwacht hij. “Een voordeel, want als Waddenfonds kunnen we dat nu niet.”